Bewegingen bestaan uit mensen, motieven en onderlinge verschillen.
Het project richt zich niet alleen op demonstraties of zichtbare acties.
Minstens zo interessant zijn de deelnemers zelf: waarom sluiten mensen zich aan? Welke idealen delen ze — en waar verschillen ze juist van mening? Hoe verandert een beweging wanneer zij groeit, onder druk komt te staan of uit het publieke zicht verdwijnt?
Door interviews te verbinden met beeldmateriaal, publicaties en andere documenten kan later een veel rijker beeld ontstaan dan uit nieuwsberichten alleen.

Documenteren betekende soms ook zelf organiseren.
In 2011 organiseerde ik binnen Occupy Utrecht een optreden van protestzanger Armand, met wie ik bevriend was. De foto past precies bij de bredere lijn van dit project: protestcultuur bestaat niet alleen uit politieke statements, maar ook uit muziek, ontmoeting en het tijdelijk ontstaan van een eigen publieke ruimte.
Niet ieder onderzoek hoeft onmiddellijk een afgerond verhaal op te leveren.
Dit project heeft daarom ook een andere functie dan mijn boekenonderzoek.
Een deel van de waarde zit juist in het bewaren van bronnen waarmee toekomstige onderzoekers — of ikzelf op een later moment — deze bewegingen opnieuw kunnen bestuderen.
Wat vandaag een flyer, foto of interview is, kan over enkele decennia precies het materiaal blijken waarmee een ontbrekend deel van de geschiedenis kan worden gereconstrueerd.
